Allemaal beestjes

Een nieuwe wind waait doorheen ARRC en Khaya Themba.
Megan en Nye zijn weer naar het koude Engeland gevlogen, en een hele set nieuwe vrijwilligers is aangetreden.  De groep werd aangevuld met Tracey’s zoon Jack, de Engelse verpleegster Maz, die een jaar voor ons ook al bij CARE heeft gewerkt, Jayne, die in Engeland een collega was van Sam gedurende 20 jaar, zij blijft jammer genoeg maar een weekje. En dan is er nog Alex , die in Frankrijk een vrijwilligersbureau heeft en reclame wil maken voor nieuwe en nog niet zo bekende projecten. 

Op zondagochtend staan we om 6u klaar voor een snare sweep in de bush.  De buurman heeft alarm geslagen dat er vallen gevonden zijn op zijn stuk bush.  Hier en daar is de draad doorgeknipt, wat erop kan wijzen dat er ook bij ons stropers zijn binnen geweest.  We wandelen helemaal naar het einde van de bush en gaan op een rij staan, op ongeveer 5 meter van elkaar.  En dan trekken we dwars door de bush naar de andere kant, terwijl we onderweg goed onze ogen openhouden om te zien of we vallen vinden.  Deze vallen bestaan meestal uit een lus van touw of ijzerdraad.  Als we aan de overkant zijn, schuiven we op en steken weer over, en zo steeds weer opnieuw tot we terug bij de farm zijn.  Heel belangrijk zijn een lange broek en handschoenen, want de bush is hier en daar moeilijk doordringbaar en staat vol struiken die in je kleren blijven haken.  Sommige struiken hebben doorns die zo groot zijn als tandenstokers, geen pretje als die in je blote benen zouden blijven steken dus!
We vinden niets, wat enerzijds goed nieuws is, want het betekent dat de stropers bij ons geen vallen hebben geplaatst, en anderzijds hoop je dat je niets gemist hebt natuurlijk

En dan komt 17 oktober.  Mijn papa’s verjaardag.  Hij zou vandaag 73 geworden zijn, maar anderhalf jaar geleden verloor hij helaas de strijd tegen een onverbiddelijke hersentumor.
Ik weet op voorhand dat het een moeilijke dag wordt, en hoewel ik weet dat huilen oplucht en ik meestal geen probleem heb met mijn tranen de vrije loop te laten, vind ik het toch moeilijk hier omdat er altijd mensen om je heen zijn.
Dus besluiten Robbie en ik om er heel even tussenuit te gaan.  We hebben een nacht geboekt in het Bushveld Terrace Hotel, op een kwartiertje van hier, vlak aan de ingang van het Krugerpark.
Het blijkt een goed idee te zijn geweest, natuurlijk zijn er moeilijke momenten, maar ons verblijf in dit fantastisch hotel zorgt toch voor genoeg afleiding.  Sam had ons eerder al gezegd dat het restaurant van dit hotel het allerbeste maar ook het duurste van Phalaborwa is.
Naar de lokale normen is het inderdaad duurder, maar we staan versteld als we omrekenen naar euro.  Voor een hoofdgerecht betaal je tussen de 6 en de 12 euro, een dessert of voorgerecht kost zo’n 3 euro.  Daar komt nog bovenop dat de kwaliteit van het eten echt top is.  Dit kan absoluut tippen aan een sterrenrestaurant!  Als ik nu terugdenk aan de ravioli met zongedroogde tomaten, pesto en olijven komt het water me al terug in de mond.  Om nog maar te zwijgen over het dessert: een ietwat zouterig chocoladetaartje met Glenfiddich en rode vruchten… yum!
De bediening is ook supervriendelijk, de setting is prachtig… 
De chefkok komt meermaals langs om te vragen of alles in orde is.  Er stonden drie vegetarische hoofdgerechten op de kaart, wat genoeg is, maar hij zegt dat we hem volgende keer een seintje moeten geven en dan zal hij iets nieuws voor ons maken.  Je ziet echt dat hij gepassioneerd is door zijn job.  Mijn papa hield ook van lekker eten, van gezellig en lang tafelen met een lekker wijntje erbij…  vorig jaar hebben we op zijn verjaardag gedineerd op het strand in Aruba, en nu dit.  Ik denk wel dat hij er helemaal achterstaat dat we zijn verjaardag altijd zullen blijven vieren op een manier die hij zelf zo fijn vond. 
Sommigen onder jullie weten dat mijn papa zijn aanwezigheid na zijn dood al een aantal keer sterk heeft laten voelen.  Na het lezen van het boek “tekens zijn overal” had ik hem om een specifiek teken gevraagd in de vorm van een paars konijn.  Iets wat ik sinds hij er niet meer is al een aantal keer heb gekregen, meestal op bijzondere of moeilijke momenten.  Ik had erg gehoopt op een teken op zijn verjaardag maar er kwam niets duidelijk door.  Tot we de dag erna terug waren in Khaya Themba.  Ik ging kijken bij de puppies en zag dat iemand hen de dag ervoor 2 nieuwe knuffels had gebracht.  Twee konijntjes… een wit en… een paars!  Ik vroeg aan Sam van wie ze waren en ze zei dat er een grote zak knuffels in de garage stond en ze er gewoon twee had uitgenomen.  Toen ik haar het verhaal van het paars konijn vertelde viel haar mond ook open.  Net op zijn verjaardag had ze geheel toevallig die konijnen eruit gepikt.  Ze hadden elke kleur kunnen hebben…  Dat kan gewoon geen toeval zijn.  Opnieuw die bevestiging dat de mensen die we graag zien er altijd zullen zijn, vaak veel dichterbij dan je denkt.  Het biedt zoveel troost.

Een paar dagen later gaan we trouwens nog eens terug eten bij Bushveld Terrace, maar dan met de hele groep.  Een welverdiend team-uitje!

Intussen maken Moppie en Black vooruitgang.  Ze hebben al een tijdje een halsband aan waar ze al goed aan gewend zijn.  Maar een leiband, dat bleek nog wat anders te zijn.
In de tuin wandelen was een ramp, maar nu Sam ons toestemming heeft gegeven om met hen te wandelen op het hele domein, blijkt dat wel iets te zijn dat ze leuk vinden.  Al die nieuwe geuren en indrukken!  ²Ik maak een eerste wandeling met hen samen met Jayne, en de volgende dag gaan Jayne en Annemie nog een stapje verder door hen mee te nemen in de bush.  Ze vinden het super!

Ook de puppies Sunny en Bean maken intussen flink vooruitgang.  De kleine Bean, die 2 weken geleden nog een zakje botten was, is nog steeds te mager maar hij krijgt al een flink buikje en hij eet heel goed.  Ook komt hij spontaan knuffelen en zijn staart stopt maar niet met kwispelen.  Ook Sunny maakt vooruitgang.  Hij is al veel minder angstig, en hij lijkt ook wel affectie te willen, maar hij krijgt zijn moed maar niet bijeen geraapt om dichterbij te komen.   Het enige probleem is dat vooral Sunny zich begint te vervelen, en dat werkt hij soms uit op zijn zwakkere broertje door hem een flinke snauw te geven.  Als hij de grotere honden ziet passeren staat hij duidelijk te popelen om mee met ze te mogen wandelen en spelen, maar helaas kan dat nu nog niet. Ze moeten nog eventjes in hun quarantaine hok blijven en daarom hebben we hen sinds kort social time gegeven in de derde serre.  De eerste serre is de groententuin, de tweede serre is van de kippen (er zijn nu nog maar 4 kuikentjes, eentje heeft het niet gehaald), en de derde serre zal in de toekomst een tijdelijk verblijf worden voor herstellende (roof)vogels.  Op dit moment worden er volop gaten en scheuren hersteld, en in tussentijd nemen we elke dag de puppies mee naar daar zodat ze wat kunnen rennen en spelen.  Iets wat hen duidelijk deugd doet, we zien echt elke dag vooruitgang!

Over vogels gesproken: vorige week kregen we nog een extra presentatie van Tracey.  Het is onmogelijk om alle vogels van Zuid-Afrika te leren kennen op zo’n korte tijd.  Maar ze vertelt ons wat de belangrijkste vogels zijn die we geregeld zien op de farm en laat ons hun geluiden horen zodat we hen kunnen herkennen.  De hornbills zijn natuurlijk het populairst, hun roep is herkenbaar en als je hen kan spotten terwijl ze hun typische geluid maken, kan je ook het amusant dansje zien dat ze doen aan het eind van elke roep.  De southern masked weaver is een prachtig geel vogeltje met een zwart masker op.  Deze kleurbommetjes bouwen zorgvuldig hun ingenieuze nestjes in de bomen naast Sam’s huis, prachtig om te zien!  Dan heb je de helmeted Guineafowl, een beetje een domme fazant-achtige vogel maar hij heeft prachtige veren: zwart met witte stippen, tijdens de bushwandelingen met de honden verzamelen we er geregeld.  Op mijn nachtkastje ligt al een hele collectie.
Er zijn kleurrijke kingfishers en nog een heleboel vogels waarvan ik de naam niet meer weet, en de allermooiste vind ik de glossy starling, een vogel ter grootte van een ekster met prachtig glanzende donkerblauwe veren en oranje oogjes.  Maar één specifieke vogel die we vaak in de tuin zien vind ik het bijzonderst: hij is grijs met een lange staart en een kuif en hij heeft echt de grappigste naam: het is de “go away bird”.  Hij heet zo omdat zijn roep echt klinkt als “go awaaaaay!”.  Deze vogel is de vriend van alle dieren en de vijand van alle jagers.  Hij staat er namelijk om bekend om de dieren te waarschuwen met zijn “go awaaaay!”, zodra er gevaar nadert.  Knap toch hoe de natuur in elkaar zit? 

We hebben ook nog een extra taak gekregen: armbandjes maken.  Begin november zal er een kerstmarkt zijn in Phalaborwa en ARRC zal er armbandjes en petjes verkopen en op die manier het project promoten.  We hebben oranje en groene kralen en bedeltjes in de vorm van hondenpoten.  Het is een rustgevend werkje, behalve wanneer het elastiek bij het dichtknopen van het bandje losschiet en je kralen kan gaan rapen natuurlijk!

Op woensdagochtend moeten we vroeg uit de veren, want Tracey wil ons meenemen in de bush om te zien of er wat interessants te vinden is.  We zien al meteen twee impala midden op het pad en even later geeft Tracey uitleg over hun uitwerpselen.  Ik vraag of ze de nationale sport weleens heeft gespeeld, dat hebben wij 3 jaar geleden bij CARE namelijk gedaan.  Natuurlijk heeft zij dat ook al gedaan, en we besluiten het met de groep een keer te proberen.  Een nationale sport in Zuid Afrika is Bokdrol Spoeg, oftewel het om ter verst spugen van een impala keutel.  Het klinkt heel vies maar het valt echt wel mee.  Impala eten enkel gras en hun keutels zijn klein en keihard, dus zolang je er niet op gaat kauwen proef je er niks van.  Tracey vertelt ons ook alles over termieten en de fantastische termietenheuvels die ze bouwen.  Deze reusachtige bouwwerken zie je overal.  Het lijken wel kastelen en dat is ook een beetje zo want binnen woont 1 koningin die wel zo groot kan worden als een duim en tot 50 jaar oud kan worden.  Toch zou je niet graag die koningin zijn want ze moet per dag maar liefst zo’n 30.000 eieren leggen!  Fascinerende wezens, die termieten.  Na de bushwalk is het tijd voor ontbijt en daarna vertrekken we weer naar Selwane voor het Mohlanatsi Childrens Project.  Daar missen de kinderen de krijtkunsten van Nye, die vorige week een fantastisch doolhof met krijt had getekend op de speelplaats.  Maar we houden een hoelahoep wedstrijd, en Robbie en Jack maken vliegers, die ze geweldig vinden. 

Tussen al het gejoel door, want ze zijn erg druk vandaag, neemt Sam Robbie en mij mee om Friscoe terug naar zijn baasje te brengen.  Het weerzien is diep ontroerend en het heeft ons zo geraakt dat ik het verhaal toch echt even uitgebreid moet toelichten.  Onze ervaring met de mensen in dit soort rurale gemeenschappen en hun honden is niet altijd de meest positieve.  Zoals ik eerder al toegelicht heb dienen veel honden om te werken en worden ze zelden in huis toegelaten.  Bovendien zijn ze vaak veel te mager en willen of kunnen de baasjes hen geen fatsoenlijk voer geven.  Dankzij de projecten die ARRC doet wordt er sterk ingezet op het sensibiliseren van deze mensen, al vanaf jonge leeftijd.  Dat werkt zeker en vast maar op grote schaal lijkt het soms een uitzichtloze situatie.  Gelukkig zijn er ook uitzonderingen, er zijn ook mensen die met heel hun hart van hun hond houden.  Zo’n uitzondering is Fanny.  Deze man uit Selwane contacteerde ARRC een tijdje geleden om te zeggen dat zijn hond Friscoe erg ziek was.  Toen Sam ging kijken bleek hij zowat de ergste vorm van TVT te hebben, zo erg had ze het tot dan toe nog nooit gezien.  Fanny was er het hart van in, hij zei dat iedereen tegen hem zei dat hij zijn hond moest laten inslapen.  “Maar hoe kan je dat doen bij je allerbeste vriend?  Een dier waar je zoveel van houdt?” zei hij.  Zijn hond is alles wat hij heeft, en in tegenstelling tot de meeste mensen in rurale gemeenschappen mag Friscoe wel naar binnen, en slaapt hij zelfs bij Fanny in bed.  Hij had al zijn hoop op Sam gezet, en ze beloofde hem dat ze alles zouden doen wat ze konden, maar maakte hem wel duidelijk dat de kans erin zat dat Friscoe het niet zou halen.  Toen Sam met Friscoe terugreed was ze een vat vol emoties, ze was er vrijwel zeker van dat er geen andere optie zou zijn dan euthanasie.  Het dierenartskoppel Fernando (uit Spanje) en Lani (uit Australië), was dezelfde mening toegedaan.  Maar bij het horen van Sam haar verhaal over het baasje van Friscoe, beloofde Lani dat ze toch zou proberen hem nog te reden.  Er was echt heel weinig hoop, maar als bij wonder kon de tumor na een reeks ingewikkelde en risicovolle operaties toch weggehaald worden en sloeg de chemotherapie aan!
Wij mogen dus getuige zijn van het weerzien tussen Fanny en Friscoe en dat was iets om nooit meer te vergeten.  Hartverwarmend.

Een dag later is er opnieuw het ezel project in Selwane.  Er zijn meer ezels dan vorige week, dat is hoopgevend.  Dierenarts Fernando doet een gezondheids checkup bij alle ezeltjes en verzorgt wonden.  KG neemt bij verschillende ezels de maat op voor het bitloos halter.  Het proces tussen een eigenaar die met zijn ezels komt en het uiteindelijk afgewerkte halster, is er één dat weken kan duren.  Het is zo belangrijk dat de eigenaar elke week terugkomt met zijn ezels.  Tot nu toe zijn er een aantal die dat doen, zoals John, een oudere man die duidelijk om zijn ezels geeft.  Hij gebruikt, zoals veel mensen van zijn generatie, geen zweep, maar heeft een eigen taal ontwikkeld om met zijn ezels te communiceren.  Het is een soort van zacht fluiten en het is dus een stuk diervriendelijker dan de zweep die de jongere mannen vaak wel gebruiken.  Voor hen moet het allemaal sneller gaan en ze zijn koppig.  Het wordt een hele uitdaging om ook de jongere generaties te leren hoe ze beter met hun dieren zouden moeten omgaan.  Stap voor stap…
Als we weer vertrekken neemt Annemie geëmotioneerd afscheid van KG, want voor haar is het de laatste keer dat ze hem zal zien.  “Echt een gouden jongen” zegt ze “hij zit voor altijd in mijn hart.”

Ik heb nog zoveel te vertellen, onder andere over het Umoya Khalula Wildlife Centre.  Maar als ik dat nu ga doen wordt de blog echt veel te lang, dus ik bewaar het voor de volgende keer.
Wel moet ik nog even kwijt dat Robbie en ik de trotse pleegouders zijn geworden van een zoon genaamd Pip!  Op een avond na onze welverdiende douche horen we luid gepiep en de stemmen van Lani en Fernando.  We gaan kijken en Lani staat daar met een kuikentje in haar handen!  Het blijkt van de buren te zijn en moeder kip heeft het verstoten.  Er lopen paarden rond op de boerderij en Lani is bang dat het vertrappeld zou worden.  Omdat de dierenartsen zelf al een aantal vogels en twee honden hebben, duwt Lani het in mijn handen en zegt dat wij ervoor mogen zorgen en hem een naam mogen geven.
Pip is verschrikkelijk schattig, maar een kuiken verzorgen is toch wel een opgave.  We houden hem in onze kamer en dan wil hij de hele tijd in onze buurt zijn.  Als één van ons even weggaat loopt hij erachteraan.  Verder eet hij wel heel flink en gedraagt zich al echt als een klein haantje.  (of kippetje want het is te vroeg om dat al te zien, maar ons buikgevoel zegt dat het een haantje is).
’s Nachts is hij gelukkig heel stil, dan zit hij in een hoge emmer gevuld met hooi en slaapt hij de hele nacht door.  Maar zodra je hem er overdag inzet omdat je even wat anders moet doen, piept hij het hele vrijwilligershuis bij elkaar!
Het is wel de bedoeling dat hij uiteindelijk geïntroduceerd wordt bij de andere kippen.  Robbie en Masuku hebben een grote kooi gebouwd in de kippenserre om hem te laten wennen.  Gedurende de dag zetten we hem er een paar keer een tijdje in, maar voorlopig is het niet echt een succes.  De andere kippen tonen weinig tot geen interesse.  We hadden gehoopt dat moederkip Roli met haar kuikens interesse zou tonen, maar het is niet het soort interesse waar we op hoopten.  Als hij niet in de kooi had gezeten had ze hem echt aangevallen.  We hopen dat het uiteindelijk zal lukken.
Misschien moet hij eerst iets groter zijn.  Voorlopig zullen Robbie en ik ons over hem ontfermen. Zoals jullie op één van de foto’s kunnen zien heeft hij me geholpen met de blog 😉

Zo lieve volgers, dit is wel welletjes geweest.  Ik heb nog een notitieboek vol materiaal voor de volgende blog.  Wij gaan nog even genieten van onze vrije dag op Khaya Themba.

Tot gauw!

Ciao

x




2 gedachtes over “Allemaal beestjes

Plaats een reactie