Het einde van een droomreis

De rit naar Stellenbosch slingert langs de Route 62, Zuid-Afrika’s antwoord op de Amerikaanse Route 66.  Heel veel gelijkenissen zijn er niet, al wordt er wel speels naar verwezen via de “Route 62” bordjes die dezelfde vormgeving hebben als die van z’n Amerikaanse neef.  Net zoals de Garden Route kan je via deze weg ook helemaal van Kaapstad naar Port Elizabeth rijden en omgekeerd.  Route 62 vormt hiermee een prima en minder toeristisch alternatief voor de Garden Route. 
Nog een gelijkenis met de Route 66 zijn enkele dorpjes die je passeert waar de tijd heeft stilgestaan, spookdorpjes vol verlaten huizen, én toch ook enkele bizarre dingen. 
Zo zien we op een gegeven moment in de middle of nowhere een groot bord waarop staat dat we de “wereldberoemde Ronnie’s Sex Shop” naderen.
Even later passeren we inderdaad een wit gebouw waarop in grote rode letters “Ronnie’s Sex Shop” prijkt.  We lopen een beetje achter op schema dus we stoppen niet, maar achteraf gezien hadden we dat eigenlijk wel moeten doen. 
Ronnie’s Sex Shop is namelijk helemaal geen sex shop, maar wel de vreemdste bar van Zuid-Afrika!

Het verhaal gaat als volgt:  ergens in de jaren ’70 was er een boer en hippie genaamd Ronnie Price, die een winkel opende om zijn groenten en fruit te verkopen.  Hij schilderde in rode letters “Ronnie’s Shop” op de witte gevel, zodat passanten zouden weten dat ze hier iets konden kopen.
Toen Ronnie op een dag weg moest en aan een paar vrienden vroeg om op de winkel te letten, vonden die vrienden het wel leuk om een grap uit te halen.  Met dezelfde rode verf schilderden ze het woord “Sex” tussen “Ronnie’s” en “Shop”.
Ronnie kon er aanvankelijk niet zo mee lachen, tot de nieuwe naam nieuwsgierige voorbijgangers begon aan te trekken en zijn vrienden uiteindelijk zeiden: “waarom maak je er geen kroeg van?”.

Nu, meer dan 40 jaar later, staat de oude hippie met zijn lange grijze vlechten nog steeds af en toe achter de bar van zijn “sex shop”, al wordt de zaak nu vooral door Ronnie Junior gerund.  Je kan er een koud drankje of een eenvoudige lunch scoren, en om toch een beetje in het thema te blijven hangt het plafond van de bar vol met bh’s, en staan de muren vol pikante verhalen geschreven.  De bar is populair bij motorrijders en toeristen en als je iets teveel gedronken hebt, kan je er zelfs blijven slapen.

Maar wij zijn dus nietsvermoedend voorbijgereden, tot we rond de middag in Barrydale aankwamen en merkten dat we een beetje honger kregen.  We volgen een pijl naar “The Blue Cow Farm”, en vinden een opmerkelijk schattig zaakje waar je een lekkere lunch of een stuk taart kan nemen en een sterke kop koffie kan drinken.  Zitten doe je buiten op de patio waar je een schitterend zicht op de bergen hebt en op een kleine dam waar eenden zitten te kwaken.
Wanneer we onze reis verder zetten, merken we dat Barrydale echt een aardig dorpje is.
Het is typisch Karoo, maar het doet tegelijkertijd ook wat denken aan van die landelijke Amerikaanse gehuchtjes.  Het is iets levendiger dan de meeste Karoo dorpjes en daarom geen verkeerde plaats om te verblijven denken we.

Een paar uur later komen we eindelijk aan in Stellenbosch.  We hebben nog maar 3 nachten hier, onze laatste nacht zullen we in Kaapstad doorbrengen want we vliegen woensdagochtend heel vroeg terug naar huis.
De zoektocht naar accommodatie in de wijnstreek viel ons iets moeilijker.  De kerstvakantie begint en we merken dat heel veel dingen volgeboekt zijn. 
We hebben uiteindelijk een Airbnb gevonden die op de foto’s ok leek, maar niet echt geweldig.
Maar voor 40 euro per nacht gaan we niet zeuren.  Zolang het netjes is en goed gelegen is het allang prima. 
Maar soms doen foto’s een plaats geen eer aan.  Het huisje is ge-wel-dig leuk en gezellig! 
Het heet “The Blue Gypsy” en we wilden dat we veel langer zouden kunnen blijven.
De kers op de taart is het gigantische zwembad.  Er is ook een vriendelijke poes die af en toe langskomt, en een gevuld wijnrek met topwijnen uit de streek aan zeer democratische prijzen.  Het enige dat ze in ruil vragen is om je naam en land van herkomst op de kurk te schrijven en in een glazen bokaal te gooien.  Leuk idee!

Stellenbosch is een leuk universiteitsstadje.  Heel veel is er in het centrum niet te zien, maar er zijn een paar tearooms, restaurantjes en enkele winkeltjes.  De populairste winkel moet “Oom Samie se winkel” zijn.  Deze winkel werd opgericht in 1904 en het interieur is sindsdien onveranderd gebleven.
Waar het ooit een drukke plaats was voor ruilhandel, verkoopt de winkel nu vanalles: kruiden, wijn, olie, zeep, souvenirs… noem maar op.  Het is echt een soort van levend museum en het is een beleving om er even binnen te gaan en te verdwalen in de verschillende kamertjes met de volgestouwde rekken en schappen.

Op zaterdagen en zondagen kan je in Stellenbosch naar de Family Market op het domein van de wijngaard van Blauwklippen.  Het is een klein, gezellig marktje dat momenteel subtiel in de kerstsfeer baadt.  Je kan er vooral handgemaakte spulletjes kopen, kleding, zeep, olie enzovoort.
In tegenstelling tot andere marktjes moet je hier inkom betalen.  Maar voor de 50 rand die je betaalt (dat is ongeveer 2,70 euro), krijg je wel een bonnetje voor een drankje.  Je mag kiezen tussen frisdrank, een groot glas bier, of een flink glas Blauwklippen Chenin Blanc.
Je bevindt je in de wijnstreek, op een wijndomein, het zou gek zijn om dus niet voor de Chenin Blanc te kiezen!  Lekker wijntje trouwens!

Stellenbosch vormt samen met Paarl en Franschhoek zo’n beetje het bonzend hart van de Zuid-Afrikaanse wijnstreek, en een walhalla voor wijnliefhebbers. Als je er rondrijdt merk je dat heel duidelijk.  Hier zie je werkelijk de ene wijngaard na de andere.  Van heel veel namen hebben we nog nooit gehoord, andere doen dan weer een belletje rinkelen.  Je kan ze onmogelijk allemaal bezoeken en tenzij je als een echte pro de wijn uitspuwt bezoek je er ook best niet meer dan 2 of 3 per dag.
Wij zijn geen pro’s, we willen wel leren over wijn, maar we willen er ook van genieten.  En eerlijk gezegd hebben we tijdens onze proeverijen bijna niemand het spuwbakje zien gebruiken, dus het is helemaal ok om de 6 wijntjes die je doorgaans te proeven krijgt gewoon lekker op te drinken!
In Stellenbosch bezoeken we de Spier wijngaard.  We kiezen voor Spier omdat we daar al eens een wijn van geproefd hebben op restaurant, en we vonden die zo lekker dat we benieuwd zijn naar hun andere wijnen.  Spier maakt wijn sinds 1692 en is hiermee één van de oudste wineries van Zuid-Afrika. 
We kunnen deze wijngaard van harte aanraden als je kennis wil maken met Zuid-Afrikaanse wijnen.

De 6 flinke proevers die we krijgen zijn eigenlijk allemaal erg lekker en smaakvol. 
Als je ergens de Signature Chenin Blanc, de Creative Block 5 of de Signature Merlot tegenkomt: kopen of ten minste proeven!!
Het grappige is dat je ook nog een glas Cap Classique krijgt om tussendoor je smaak te neutraliseren.  Het is weer eens wat anders dan een kan water!  Als je je afvraagt wat Cap Classique is: in het Zuid-Afrikaans noemen ze het ook wel eens “Vonkelwijn”, wat dan weer uitgesproken wordt als “Fonkelwijn”.  Heb je ‘m al?  Yep, het is Champagne.  Hoewel het op precies dezelfde wijze gemaakt wordt mag het geen Champagne heten.  In Spanje heet het “Cava”, in Italië heet het “Prosecco” en in Zuid-Afrika heet het dus “Cap Classique”.  Als het kind maar een naam heeft zeker?

Als je in de regio bent, kan je meteen ook het schilderachtige en chique Franschhoek bezoeken.
Het dorpje zelf bestaat uit een hoofdstraat vol upperclass boetieks en kunstgallerijen, maar je vindt er net zo goed ook schattige snuisterwinkeltjes en veel gezellige tearooms. 
Maar daarvoor alleen ga je niet naar Franschhoek.  Net als in Stellenbosch struikel je er over de wijngaarden, maar het is vooral de setting in het prachtig berglandschap die het hem doet.
Je kan er naar het schijnt ook schitterend wandelen, maar wij hadden daar te weinig tijd voor en hadden onze wandelschoenen al opgeborgen.  Het is in elk geval zeker een plek om nog eens terug te komen.  We wilden graag één wijngaard bezoeken in deze streek, maar een varken heeft daar een stokje voor gestoken.  Pardon?  Jawel, een varken.
Bij het zoeken op Google naar wijngaarden die de moeite zijn om te bezoeken, kwamen we opeens uit bij de website van Farm Sanctuary SA.  Deze boerderij voor dieren die gered werden van de slacht, of kippen die bevrijd werden van de legindustrie, werd in 2016 gesticht door de Zuid-Afrikaanse Joanne Lefson, een vrouw met een enorm hart voor dieren én scherpe PR skills, die de organisatie zeker ten goede komen.
De belangrijkste donatie-magneet is namelijk een dier dat ze in 2016 eigenhandig uit een slachthuis heeft gered.  Een varken genaamd Pigcasso.

Velen onder jullie, hebben haar net als wijzelf vast al wel eens voorbij zien komen op social media, youtube, documentaires op tv…  Pigcasso doet namelijk iets bijzonders: ze schildert abstracte kunst!  Ze is wereldberoemd en heeft intussen al meer dan 400 schilderijen gemaakt, die over de hele wereld verkocht worden.  Jane Goodall is één van haar klanten, en vorig jaar werd Pigcasso’s werk “Wild and Free” verkocht aan Duits kunstverzamelaar Peter Esser voor maar liefst 25.000 dollar!  Meteen een recordbedrag voor een kunstwerk dat door een dier gemaakt werd, het vorige record stond op de naam van chimpansee Congo, die een schilderij verkocht voor 14.000 dollar.
Het 700 kilogram wegende varken werkte ook al samen met het horlogemerk Swatch, en inspireert debatten over veganisme en dierenrechten.
Ze is ook het enige dier ooit met eigen kunsttentoonstellingen.  De afgelopen jaren kon je in Kaapstad, Münden en Amsterdam al naar haar werken gaan kijken.  De OINK exhibition heette het.
 
Pigcasso’s verhaal begint dus bij haar redding uit het slachthuis.  Ze werd ondergebracht in de grote schuur van Farm Sanctuary SA en vernielde er zowat alles.  Maar er lagen een paar achtergelaten verfborstels en die hanteerde het varken met zoveel nieuwsgierigheid en voorzichtigheid dat Joanne dacht: “laten we eens wat proberen.”  Ze haalde er een doek bij en een paar potten verf, en in een mum van tijd begon Pigcasso als een bezetene te schilderen.  Joanne kiest verschillende kleuren, opent de potten en dan laat ze het varken beslissen met welke kleuren ze wil werken.
Elk werk wordt ondertekend door de snuit van Pigcasso in natuurlijke verf gemaakt van bietensap te dopen en op het doek te stempelen.
Voor we de boerderij bezocht hadden waren we niet helemaal zeker of dit wel een ethisch project zou zijn, we vreesden dat dit misschien weer één van die plekken zou zijn waar dieren uitgebuit werden, of waar je nadat je naar een gered varken had gekeken, een portie varkensribben zou kunnen eten.
We hadden het gelukkig helemaal mis.  Het project van Joanne Lefson verdient echt de aandacht die het krijgt.  De dieren hebben alle ruimte en zien er gelukkig uit, de voormalige legkippen wonen in een paradijs, en aan de muren maken quotes van bekende vegetariërs zoals Albert Einstein en James Cromwell duidelijk dat hier nooit varkensribben verkocht zullen worden. 
Wijn kan je er ook drinken, namelijk “the swine’s wine”, lekker en fris, maar niet bijzonder. 
Maar drink er toch maar eentje als je daar bent, al is het maar om dit fantastisch project te steunen.
Je kan ook logeren op de boerderij, op Airbnb vind je verschillende soorten huisjes, maar het meest bijzondere is toch wel het bed in de schuur zelf.  Op een mezzanine boven de dieren staat een prachtig opgedekt bed met grote ramen die uitkijken over de weiden.  Wakker worden met niet alleen kraaiende hanen, maar ook loeiende koeien en knorrende varkens… het lijkt ons wel wat!
Binnenkort zal je er ook heuse tastings kunnen doen en een vegan brunch kunnen eten.  En dat alles terwijl je midden in de schuur tussen de dieren zit!
We hebben misschien een heleboel goeie wijngaarden gemist, maar dit hadden we echt voor geen geld van de wereld willen missen.  We geven Pigcasso nog een aai over haar ruwe snuit en vertrekken alweer met een warm hart.  Joanne heeft trouwens nog een ander project waar we in Capetown al kennis mee mochten maken: het heet Oscar’s Arc en het is een project om asielhonden een gouden mandje te geven.  Kijk zeker eens op hun website, ook zij doen fantastische dingen!

Nog één wijngaard willen we bezoeken, en door mensen die we ontmoet hebben in de Karoo werd ons “Babylonstoren” aangeraden, tussen Franschhoek en Paarl.
We kijken onze ogen uit.  Het domein is enorm!  Het lijkt wel Disneyland voor wijnliefhebbers!
Naast het proeven van de zalige wijnen kan je er lekker eten in één van de twee restaurants, wandelen in de botanische tuinen, een spa arrangement boeken, leren over wijn in het interactieve museum, logeren in het farm hotel…  Ook zijn er boomgaarden met verschillende soorten fruit, zoals kersen, appelen, peren, perziken…  Alles wat rijp is mag je zomaar plukken en opeten!  Zolang je maar geen zakken vol plukt om mee te nemen is alles ok.  Wij smullen er van heerlijk rijpe nectarines.  En we proeven natuurlijk ook de wijn.  Weeral een aantal toppers hier, wij zijn vooral fan van Candide White Blend, de Viognier en de Shiraz.  En dat is dan nog maar de standaardproeverij.  Je kan ook nog een proeverij doen met hun topwijnen, het duurdere spul.  Maar dat zal voor een andere keer zijn.

De volgende dag reizen we weer naar Capetown voor onze laatste dag in Zuid-Afrika.
Het is een prachtige dag en het is druk in de stad.  Het voelt wat raar om te beseffen dat we naar de winter zullen reizen.  Maar we genieten nog, doen wat winkeltjes, een terrasje…
’s Avonds willen we een laatste gezellig etentje doen.  We zijn wat uitgekeken op de Waterfront buurt, het is er momenteel ook veel te druk. We doen wat opzoekwerk en vinden een fantastisch Thais restaurantje op de hoek tussen Kloof Street en Camp Street.  Het is een wijk die we nog niet kenden maar ze is de moeite waard om te ontdekken!  Het barst er van de toffe bars en restaurantjes en er heerst een levendige en aangename sfeer.  ’s Avonds best wel een taxi of Uber nemen, voor alle zekerheid.  Capetown kent jammer genoeg heel grote contrasten.  Aan de ene kant van de straat staat een Ferrari geparkeerd terwijl aan de andere kant mensen onder een brug slapen.  Die mensen hebben geen slechte bedoelingen, maar als je blank bent ben je een wandelende portefeuille en vooral ’s avonds zou dat wel eens mis kunnen lopen.  Daarom: gezond verstand gebruiken en niet wandelen waar je de buurt niet kent.  Er werd ons trouwens verteld dat er in Capetown verschillende  organisaties zijn die de daklozen uit de nood helpen, ik hoop van harte dat dat waar is.

Het zit erop.  Op woensdagochtend vliegt de ijzeren vogel ons terug naar huis.
We komen thuis in een niet zo heel koud, maar wel heel grijs en druk België.  Het is wennen, maar het is verbazingwekkend hoe snel het went…  en opeens lijkt Afrika een droom te zijn geweest, een heel mooie droom.
De komende dagen zijn druk en gevuld met gezelligheid en kerstlichtjes.  We hebben nauwelijks tijd om na te denken, om heimwee te hebben, om terug te verlangen naar die fantastische vrijheid. 
Maar die tijd komt, ongetwijfeld.  En hoewel we ontzettend dankbaar zijn voor alles wat we hier hebben, voor onze lieve poes Pixie, voor onze geweldige familie en onze fantastische vrienden, voor onze uitzonderlijke buren, voor ons huisje dat een échte thuis is… dankbaar voor het feit dat we dit hebben kunnen doen… 
Hoe dankbaar we ook zijn voor dat alles, we hebben een virus te pakken waar we nog maar moeilijk vanaf gaan geraken, en stiekem ook helemaal niet vanaf willen geraken.
We hebben ontdekt dat we niet meer terug willen naar de zekerheid van een vaste job, we willen niet meer terug in dat hamsterwiel gaan rennen. 
De voordelen van zo’n veilige haven wegen voor ons in de verste verte niet op tegen de vrijheid van tijdelijke opdrachten.  Daarom is dat wat we gaan doen, er is werk genoeg en er is overal nood aan goed personeel.  En wanneer de reiskriebel te hard begint te jeuken, en de bankrekening het weer toelaat, zullen we weer nieuwe horizonten gaan verkennen. 
We hebben het afgelopen jaar meer geleerd dan we ooit op school hebben geleerd, en meer ervaring opgedaan dan we in al onze vorige jobs hebben opgedaan. 
Reizen heeft ons een rijkdom gegeven die zoveel meer waard is dan geld.  We beseffen meer dan ooit dat geld kan terugkomen, maar tijd nooit. 

Zowel in de periode dat we dit avontuur planden, als tijdens het avontuur zelf, zijn we mensen verloren die ontzettend belangrijk voor ons waren. 
We hebben fantastische herinneringen gemaakt, maar de mensen die we er zo graag over zouden willen vertellen zijn er niet meer.
Verdriet verzacht met de tijd, maar gemis gaat nooit meer over. 
Het is dus heel dubbel om te zeggen dat het een topjaar was, want er zijn ook veel tranen geweest.
Maar het heeft ons nog meer dan ooit doen beseffen dat je echt moet genieten van het leven, niet morgen maar vandaag. 
We horen nog altijd zoveel mensen zeggen: “later als ik met pensioen ben”, “later als de kinderen het huis uit zijn”, “later als ik die promotie heb binnengehaald”…
Wat je plannen of dromen ook zijn: stel ze niet uit, het leven kan behoorlijk onvoorspelbaar uit de hoek komen en niemand heeft garantie op “morgen”.

We hopen dat jullie hebben genoten van de blogs, we zijn blij dat we jullie weer een beetje mee hebben kunnen nemen op onze avonturen. 
Zoals steeds was het voor mij weer een plezier om te schrijven, mijn reislaptop gaat weer even de kast in, maar hopelijk komt hij er ergens in de herfst van 2023 weer uit.
Tot dan hoop ik dat jullie de dag plukken… geniet van de kleine dingen en wees lief voor elkaar.
En tot slot wens ik jullie nog een wonderlijke en warme Kerst en een gezond, gezellig en ronduit fantastisch nieuw jaar.

Tot…

Ciao!

x





 










Plaats een reactie