Lewis & Harris & The Isle of Skye


De rit van Durness naar Ullapool loopt langs het mooiste stuk van de NC500.
We zijn extra vroeg opgestaan omdat we een ferry moeten halen en we onze tijd willen nemen voor deze route.  Het is het absoluut waard!  De route slingert langs vele fabelachtige meren die nog baden in de vroege ochtendmist.  Loch Assynt springt eruit met het eilandje in het midden waar de ruïne van Ardvreck Castle prachtig reflecteert in het water.  Je komt eigenlijk de hele weg geen dorp tegen en de dorpjes die je wel tegenkomt bestaan uit een huisje of drie, meer niet. 
Hoogtepunt van deze rit waren voor ons de mannelijke edelherten die we tegenkwamen.  Schotland loopt er vol van, maar tot nu toe hadden we enkel vrouwtjes gezien.  De volwassen mannetjes met hun imposant gewei en hun trotse baard zijn toch nog wat anders.  Heel indrukwekkend!

In Ullapool aangekomen is het tijd om de ferry te nemen naar Lewis & Harris, het grootste eiland van de Buiten-Hebriden.  Hoewel het eiland opgesplitst lijkt in 2 eilanden: Lewis en Harris, is het toch één groot eiland, maar met heel grote verschillen.  De ferry komt aan in de enige stad op het eiland: Stornoway.  Hier vind je ook de enige grote supermarkt, maar omdat het zondag is, en het nog steeds een extreem gelovig eiland is, is er op het godganse eiland helemaal niets open, zelfs geen piepklein buurtwinkeltje, geen pub of restaurantje, niks.  We logeren op het zuidelijke deel Harris, zeer afgelegen en hadden gehoopt in Stornoway nog wat inkopen te kunnen doen.  Gelukkig hadden we nog een paar aardappelen en wortelen dus we kunnen nog net een wortelpuree in elkaar flansen op onze eerste avond.  Dat wordt morgen uitgebreid winkelen!
Het noordelijke Lewis is het grootste deel van het eiland maar ook het vlakste, waardoor het veel minder aantrekkelijk oogt.  Harris kenmerkt zich door de bergen, de lochs en de opvallend witte stranden aan de Westkust.  Binnenkort zal de heide het ruige berglandschap paars kleuren en zullen overal bloemen gaan bloeien, maar nu is alles nog redelijk bruin en ruw.  Stanley Kubrick gebruikte de rotsachtige oostkust van Harris als locatie voor Jupiter in zijn film uit 1968 “2001: A Space Odyssey”. 

De ongerepte stranden lopen kilometerslang door en zijn een onverwachte bonus op het eiland.  Luskentyre Beach is het grootste en breedste strand, je kan er schelpen rapen, eindeloos naar het azuurblauwe water kijken dat onder het zonlicht tropisch groen kleurt, of een plekje in de duinen zoeken om te mediteren of een boek te lezen.  Of speur de lucht af op zoek naar steenarenden, want op Harris leeft een grote populatie van deze indrukwekkende roofvogels!
Seilebost is een kleiner maar net zo wit en rustig strand.  Wij bereiken het via een 10km lange wandeling vanuit onze camping doorheen de bergen.  Prachtige wandeling, vooral als het weer meezit, maar hou er rekening mee dat je die 10km ook nog terugmoet via dezelfde weg, dus zeker op tijd vertrekken. 
Bij weer een ander strand, Nisabost Beach, kan je via een korte klim op de groene heuvel MacLeod’s Stone bereiken.  Deze standing stone is ongeveer 5000 jaar oud en 2,5 meter hoog en kijkt prachtig uit over het strand en de koeien en schapen in de duinen.

Maar als je écht iets indrukwekkends wil zien, moet je toch een ritje naar Lewis maken, meerbepaald naar Calanais, waar de Calanais Standing Stones staan.  Hier staat een steencirkel van 13 grote standing stones, met in het midden een gigantische centrale monoliet van maar liefst 4,8 meter hoog.  De stenen dateren van ongeveer 2900 voor Christus en zijn dus nog ouder dan die van Stonehenge en naar verluidt ook indrukwekkender.  Vooral omdat Stonehenge afgeschermd wordt door hekken en je geen foto kan maken zonder andere toeristen op de achtergrond.  Hier, in Calanais, kan je ’s ochtends of ’s avonds komen en er is niemand.  En vermoedelijk valt het ’s middags ook nog mee.  Omdat je in Schotland overal mag wildkamperen kan je er zelfs je tentje opslaan als je dat wilt.  Er staan geen hekken en je kan gewoon tussen de stenen door lopen, ze aanraken en hun mystieke kracht voelen.  Een heel, heel bijzondere plek!  Hoewel het eiland door Vikings werd ingepalmd vanaf het jaar 800, zouden de Vikings de stenen angstvallig vermeden hebben, omdat ze geloofden dat het versteende trollen waren.
Het is ontzettend indrukwekkend, in elk type weer.  Maar het ultieme moment om de stenen te zien moet zijn wanneer het zeldzame Aurora Borealis, oftewel het noorderlicht hier te zien is.  Spectaculaire foto’s tonen aan dat dit af en toe gebeurt, maar dan moet je wel heel erg veel geluk hebben!
De standing stones zijn dus een must, en al reden genoeg om het eiland te bezoeken.  Maar afgezien van dat, verspil je best niet teveel tijd op Lewis.  Harris is veel mooier, en er gaat een speciale energie uit van het eiland, iets dat moeilijk te omschrijven valt.  Je komt hier echt helemaal tot rust.  Veel mensen wonen er niet, en degenen die er wonen, leven ofwel van toerisme, door het runnen van bijvoorbeeld een bed and breakfast, of ze werken in de gin distilleerderij van Harris Gin, of ze spinnen en kleuren schapenwol op de traditionele manier, voor de beroemde Harris Tweed.  De meerderheid van de bevolking spreekt er nog Gaelisch.  En kinderen leren de tweede taal, het Engels, pas op de lagere school. 
De plaatsnamen op Harris zijn een mengeling van Noors en Gaelisch, omdat de Noormannen twee eeuwen lang de macht hadden over het eiland.

De camping waar we logeren heet Lickisto Blackhouse Camping en het is echt een klein stukje paradijs.  Toen eigenaar Greig 4 jaar geleden aankwam op Harris, wilde hij een nacht kamperen op dit stuk grond.  Maar hij kwam er zo tot rust dat 1 nacht uiteindelijk 10 nachten werden.  In die tijd leerde hij de eigenaar kennen en ontdekte hij dat het stuk grond te koop stond.  Hij wilde eigenlijk niet meer terug naar zijn groot huis, zijn drukke carrière en zijn chique wagen in Noord Ierland, hij had beseft dat dat soort dingen hem helemaal niet gelukkig maakten… en hij besloot dat dit een teken was dat zijn lot hem gevonden had.  Greig kocht de grond met het bestaande oude huis erop en leerde een jaar later zijn vrouw Jo kennen, een geologe die ook verliefd werd op de plek.  Nu leven ze hier samen een dolgelukkig leven met hun twee katten: Foo en Freya. 

Het terrein is een soort van tuin  van Eden waar je in kan verdwalen. Je kan er bij het meer zitten en luisteren naar het blaten van de schapen aan de overkant, of naar de zingende roodborstjes.  Er is een grote blackhouse van 150 jaar oud waar campinggasten bij slecht weer kunnen ontspannen bij de kachel, of iets kunnen koken.  Er zijn 2 yurts en een heleboel gezellige hoekjes waar je een tent kan opslaan.  En er is een kleine oude bothy, ooit een koeienstal geweest.  Daar slapen wij.  Het is er koud en donker, en om te douchen moet je naar een andere “koeienstal”, maar het is tegelijk wel ontzettend gezellig en het comfort dat je mist leer je opeens veel meer te appreciëren.   Greig en Jo zijn ook superfijne mensen.  We worden een keer uitgenodigd bij hen om taco’s te eten.  Ze willen de camping een beetje uitbouwen en binnenkort tegen een kleine betaling “Taco Tuesdays” organiseren. Wij mogen proefkonijn spelen en kunnen hen bevestigen dat de taco’s overheerlijk zijn!  Jo geeft ’s ochtends voor wie dat wil ook Qi Gong lessen.  Had ons 10 jaar geleden gevraagd om mee te doen en we hadden vriendelijk bedankt.  Maar omdat we hier nu veel meer voor openstaan en zelf al de voordelen hebben ondervonden van meditatie en yoga, vinden we dat we het moeten proberen nu het op ons pad is gekomen.

De ochtend van onze les heeft het een beetje gesneeuwd.  Jo kiest een stuk gras uit op een heuvel die uitkijkt over het meer en de zon begint te schijnen wanneer we aan de les beginnen, schitterend!
Qi Gong is een oude Chinese ademhalings- en bewegingsleer die de basis vormt voor oosterse gevechtskunsten en meditatietechnieken.  Qi staat voor levensenergie en Gong betekent kunst of vaardigheid.  Jo leert ons een reeks beweginspatronen en ademhalingstechnieken waardoor je lichaam en geest in evenwicht komen.  Het regelmatig beoefenen van deze technieken zou een zeer positieve werking op je gezondheid hebben, zowel lichamelijk als mentaal.  Er bestaan heel veel verschillende bewegingen en oefeningen, er zijn bijvoorbeeld bewegingen die specifiek gericht zijn op het verhelpen van een bepaalde blessure, of op het verbeteren van het functioneren van bepaalde organen.  We kunnen dus niet alles leren in slechts één les, maar wat zeker is, na die ene les voelen we ons enorm energiek en opgeladen.  De locatie draagt er natuurlijk ook aan bij, maar als je de kans krijgt Qi Gong te proberen zou ik zeggen: ga ervoor, het is haalbaar voor iedereen en het zal je zeker en vast goed doen!

Wat de sneeuw betreft: een Schots gezegde luidt: “if you don’t like the weather in Scotland, just wait 15 minutes.”  En dat is nog waar ook!  De dag die begon met een dun laagje sneeuw, verandert al snel in een stralend zonnige dag.  Tot we op één van de stranden ineens hele donkere wolken op ons zien afkomen en het opnieuw stevig begint te sneeuwen.  De bui duurt niet lang, maar de lucht is zo donker dat het lijkt of het nooit meer licht zal worden.  Tot 10 minuten later: hopla! Stralend blauwe lucht en een lachend zonnetje!
Na 4 nachten hebben we echt een beetje moeite om dit eiland te verlaten, maar we varen weer verder, naar The Isle of Skye deze keer.

The Isle of Skye is, zoals de naam het zelf zegt, een eiland.  Het is het grootste eiland van de Binnen-Hebriden en is enorm geliefd bij toeristen omwille van het natuurschoon. 
Skye is drukker dan Harris, niet alleen omdat het er zo prachtig is, maar ook omdat je er sinds 1995 ook via een brug vanaf het vasteland geraakt.  Omdat het nog off-season is, valt die drukte nog mee, maar het is zeker minder rustig dan op Harris en naar verluidt is het in de zomer echt té druk om nog van al dat moois te kunnen genieten.  Om nog maar te zwijgen van de midges die je er dan bij moet nemen.  Een irritant klein insect dat fanatieker is dan een hongerige mug en tegen elk soort insectenmiddel bestand zou zijn.  We hebben al een paar keer aan locals gevraagd of die midges nu echt zo erg zijn, en het antwoord is altijd even duidelijk: ze zijn pure horror!  Maar gelukkig hoeven we ons daar nu niets van aan te trekken.

Wanneer we van de ferry afrijden hoeven we niet ver te rijden om te zien hoe mooi Skye is.  Het valt op hoe anders het alweer is dan wat we tot nu toe gezien hebben in Schotland.
Skye heeft imposantere bergen en is vooral veel en veel groener, het doet ons eigenlijk meer aan Ierland denken, waar we jaren geleden ook al een stukje van ons hart verloren.  Van de haven van Uig is het niet ver rijden naar The Fairy Glen, een klein maar betoverend stukje natuur.  Je kan een wandelingetje maken doorheen het gebied en over de bizarre, puntige groene heuvels.  Het lijkt wel of je in een verhaal van J.R.R Tolkien rondloopt.  Op één van de heuvels staat een rots die op een kasteelruïne lijkt en daarom de naam “Castle Ewan” heeft gekregen, ook “The Fairy Castle” genoemd.  Hoewel het gebied op natuurlijke wijze tot stand is gekomen door landverschuivingen, geloven mensen op Skye graag dat het door de elfen gebouwd werd en nog steeds bewoond wordt door het elfenvolk.  Het is in elk geval helemaal niet moeilijk om je in te beelden dat hier magische en mythische wezens zouden wonen.

Wanneer we ons geïnstalleerd hebben in onze Airbnb (joepie, weer een beetje meer comfort en een warme badkamer!) is het tijd om het eiland verder te verkennen. 
Onze eerste volledige dag is er meteen eentje om nooit meer te vergeten.
We plannen naar het noorden van het eiland te rijden, eerste stop: Neist Point lighthouse.
Maar die lighthouse krijgen we nooit te zien.  De weg naar de vuurtoren loopt naar beneden, langs weiden en rotswanden.  Plots horen we een luid klagend geblaat vanaf die rotswanden.
Een piepjong lammetje, nog vol bloed en met de navelstreng er nog aan, roept paniekerig om zijn mama en probeert steeds hoger op de rotsen te klimmen.  Er is in de verste verte geen moederschaap te zien dus ons hart breekt bij het zien van dit wanhopige wezentje.  Als we niets doen is het diertje ten dode opgeschreven, dus Robbie klimt als een ware held de rotsen op en weet het lammetje te vangen en in zijn jas te wikkelen, waarop het meteen stopt met huilen. 
Maar wat nu?
We hebben een eind terug een schaap gezien met een pasgeboren lammetje en we hopen dat dit misschien ook van haar is, maar wanneer we het lammetje proberen te introduceren, is het schaap totaal ongeïnteresseerd en stapt zelfs een paar stappen achteruit.  Een ander schaap ligt verderop op een heuvel bij haar twee doodgeboren lammetjes te treuren, dus we denken dat zij misschien haar moederhart kan laten spreken bij het zien van onze vondeling.  Maar terwijl het lammetje vrolijk naar haar toehuppelt stelt zij zich heel vijandig en agressief op en probeert het lammetje met kopstoten te verjagen.  Echt niet goed dus!  We besluiten het diertje voorlopig even mee in de auto te nemen en te kijken wat we kunnen doen.  We hopen dat er een opvangcenter bestaat dat het beestje kan komen ophalen en verzorgen.  We bellen uiteindelijk een algemeen dierenwelzijn nummer en de vrouw die we aan de lijn krijgen is heel begaan met ons wollig probleem, maar nadat ze de nodige telefoontjes heeft gedaan blijkt dat het beste wat we kunnen doen het lammetje terugzetten is, en dan zal de boer wel passeren om het op te halen. 

Alle mogelijke alarmbellen gaan af in ons hoofd.  Het lammetje hier alleen achterlaten in de eerste belangrijke uren van zijn leven, terwijl het weer in Schotland zo onvoorspelbaar is?  En dan die boer die het zo druk heeft, die gaat dat beestje echt niet met de fles grootbrengen, en zelfs als hij dat wel zou doen, dan is het uiteindelijke lot van het arm schaap toch de veemarkt. 
Ons hart breekt bij die gedachte.  Na lang googelen blijkt de oplossing veel dichterbij dan we ooit hadden durven dromen. 

Op slechts 20 minuten rijden is er een rescue center dat Lotus Hearts Sanctuary heet.  Op hun website zien we meteen dat de organisatie het bewustzijn voor veganisme promoot en al verschillende boerderijdieren onder zijn vleugels heeft genomen.  Enthousiast rijden we ernaartoe, het lammetje lekker warm genesteld op mijn schoot.
Lynn, de vrouw die het center in haar eentje runt, roept uit “what a wee cutie!” (“wee” wordt in Schotland voortdurend gebruikt en betekent “klein”) en ze ontfermt zich meteen over het kleintje.  Ze heeft nog al lammetjes met de fles grootgebracht en heeft alle voorzieningen om ook deze schat een forever home te bieden.  Wanneer we het lammetje in zijn voorlopige bak hooi leggen in de stal, komen de andere dieren voorzichtig en benieuwd kijken. 
Vooral Prince valt op en steekt letterlijk met kop en schouders boven de andere dieren uit.  Hij is één van de jonge stieren, maar minstens dubbel zo groot als de anderen.  We moeten echt een paar keer met onze ogen knipperen, want zo’n groot rund hebben we nog nooit gezien!  Maar zo gigantisch als hij is, zo groot is ook zijn hart, hij is een zachtaardige goedzak die ervan houdt geknuffeld te worden en zich graag ontfermt over de nieuwelingen.   Er is ook een volwassen schaap, Tara, dat denkt dat ze een koe is omdat ze samen met een kalfje is opgegroeid, en er zijn nog een vijftal andere jonge stieren.  Deze zijn allemaal gered uit de melkindustrie.  “Hoezo? Een stier geeft toch geen melk?” hoor ik sommigen denken.
Wanneer een melkkoe van een stiertje bevalt, wordt deze onmiddellijk weggenomen van zijn moeder, hoe erg ze ook om elkaar roepen en huilen.  De reden is dat het kalf de melk van zijn moeder niet mag krijgen omdat het voor de mensenmarkt bestemd is.  Bizarre wereld als je erover nadenkt…
Maar het wordt nog droeviger, omdat ze met de stiertjes verder niets kunnen doen, zijn deze sowieso voorbestemd om als kalfslapjes, kalfsworst, kalfsfricassee enzovoort te eindigen.  Hier verschijnen engelen zoals Lynn op het toneel. 
De dieren die hier terechtkomen zullen nooit ofte nimmer op iemands bord terecht komen, ook ons vondelingetje van vandaag niet. 
En wat zijn we daar dankbaar om!  Het is misschien een druppel op een hete plaat, je kan nu eenmaal niet alle dieren in nood redden.  Maar voor dit ene leven hebben we wel een verschil gemaakt.  En Lynn maakt er haar levensdoel van, eindeloos respect voor deze dame!

Ze heeft ons trouwens gevraagd of we hem een naam wilden geven… Robbie kwam op het idee hem Marc te noemen, naar mijn papa. Als het tenminste een jongen is, want dat weten we nog niet, maar het is ons buikgevoel.  Later op de avond krijgen we een mail van Lynn met als onderwerp “the wee lamb”. Ze zegt dat ons buikgevoel juist zat en dat hij dus voortaan Marc heet!  Het is nog afwachten hoe hij het zal doen omdat hij nog zo jong is, maar hij krijgt elke 3 uur melk en ze schrijft dat hij eruit ziet als een kleine vechter.
De volgende ochtend stuurt Lynn ons dat Marc een goede nacht heeft gehad en al kennis heeft gemaakt met de familie 😊  Volgende week komt de dierenarts om hem even na te kijken.  Fingers crossed dus voor kleine Marc.  Als hij het goed blijft doen, kunnen we hem binnenkort verder blijven volgen op de social media van Lotus Hearts Sanctuary!

Er valt nog heel wat te beleven op dit magnifieke eiland.
Maar daar lezen jullie meer over in de volgende blog!

Ciao!

x

2 gedachtes over “Lewis & Harris & The Isle of Skye

  1. Dat zo’n zaken als ‘Marc, the wee cutie’ op jullie pad komen mag geen toeval meer heten. Het was lotsbestemming en een stapje hoger op het karma-trapje. Bedankt om die mooie mensen te zijn en vooral te blijven… 🙏😊😘

    Geliked door 1 persoon

Geef een reactie op Iris Reactie annuleren